Het beest dat hij mij naliet

Het beest dat hij mij naliet

Ik stond met mijn hand op het koude traliewerk van de laatste betonnen kooi, terwijl iemand achter mij siste dat ik het “beest” gewoon moest laten sterven. In achtenveertig uur zou hij ingeslapen worden, en ik voelde hoe mijn zorgvuldig opgebouwde leven in Brussel begon te scheuren op een plek die ik al achttien jaar dichtgeplamuurd had. Toen die gehavende reddingshond mij aankeek alsof híj degene was die ik ooit had achtergelaten, wist ik dat ik niet meer kon doen alsof mijn vader al lang dood was.